De voorbije dagen draaide het werk rond een bescheiden, maar beslissend object: het etiket. Voor een bier wordt voorgesteld, geschonken of gewoon op tafel gezet, moet dat kleine stuk papier precies goed zitten.

Een eerste fysieke proef maakte enkele keuzes helder. Het gekozen papier was niet juist. Het formaat voelde te smal. Op het scherm leken bepaalde verhoudingen te werken; in de hand, op de fles, vroegen ze om iets anders.

De richting wordt daarom opnieuw opgenomen, met meer breedte, maar zonder de geest te veranderen. Niet om meer te tonen, wel om het midden van het etiket lucht te geven: het kasteel, de naam, de aanwezigheid van het domein. De wettelijke vermeldingen moeten helder blijven, leesbaar en zorgvuldig gezet.

Dit werk is minder zichtbaar dan een aankondiging. Toch is het noodzakelijk. Een brouwerij van het landgoed kan zich geen onnauwkeurig beeld veroorloven. Papier, marges, snede, leesbaarheid, kleur: ze horen allemaal bij dezelfde zorg.

De bestanden worden dus hernomen, nagekeken en gecorrigeerd. Voor een definitieve goedkeuring moet nog een nieuwe fysieke proef worden beoordeeld. Het is een trage stap, maar de juiste. Hier is het beter een etiket uit te stellen dan een fout te vroeg vast te leggen.